----------------------------------------------------------------------------------------

WWW.WAKKERMENS.EU

----------------------------------------------------------------------------------------

PREKEN HHG OPHEUSDEN

----------------------------------------------------------------------------------------



2019.11.17 OCHTEND

(Ps 90:7 ; Ps 119:9 ; Ps 49:1+2 ; Ps 86:5 ; Ps 149:3+5)

Johannes 6:35-59 (45) (987-988)

"de ware avondmaalganger"
  1. onwankelbare grond
  2. het onveilbare werk des Heeren
  3. onmisbaar komen tot Christus
(1) gelezen werd het formulier om het Heilig Avondmaal te houden (pag 93-95); daarin staat dat het Woord van de Profeten vast staat; het schijnt als een licht in ons donkere hart; in JOH 6:35-59 staat dat de schare de Heere Jezus Christus volgde; maar waarom?; om de dingen die Hij geeft of om Wie Hij is?; en wij?; volgen wij de Heere Jezus om wat we krijgen of om Wie Hij is?; en u lezer?; het geloof omhelst Christus in de belofte van het Woord; het Woord Gods door de profeten; in dit schriftgedeelte Jesaja en Jeremia; dat gaat over het nieuwe verbond, het genadeverbond; in v45 staat dat allen geleerd zullen worden van dat Woord, van dat genade-verbond; moeten we dit nu letterlijk of geestelijk nemen?; hoe zit het dan met de Goddelijke Uitverkiezing?; als het moeilijk wordt, gaan we vaak de Schrift geestelijk nemen, maar neem de moeilijke weg en neem het letterlijk; dus alle kinderen worden verlost?; en de Uitverkiezing?; je kunt gewoon de Heere geloven op Zijn Woord of geloof je Hem niet?; dat heeft niets met de Heere God te maken, maar met jouw en mijn ontrouw; het is niet de schuld van de Heere God; maar hoe zit het met iemand die belijdenis gedaan heeft en van het geloof is afgevallen?; is die persoon wel van het geloof afgevallen of eventjes de weg kwijt; de ham-vraag is: op welke belofte rust jouw en mijn leven?; ren naar de Heere naar zijn toren (SPR) en vertrouw dat Hij getrouw is en dat jij het niet bent;

(2) het onveilbare werk des Heeren -> ben je tot Christus gekomen?; hoe kom je tot Christus?; de Heere Jezus zegt in v45: "Een iegelijk dan, die het van den Vader gehoord en geleerd heeft, die komt tot Mij."; wat leert de Vader dan?; antwoord: het behoud van Zijn kinderen; dat er vergeving in het offer van de Heere Jezus, de Zone Gods, is voor zondaars (dieven, leugenaars, roddelaars, ...); 2 KOR 6:9-12; en dat Hij een rechtvaardig God is; de volledige toorn (over onze schuld/zonde) is op de Heere Jezus terecht gekomen; als de Wet je aanklaagt, en je inziet dat je compleet hulpeloos staat, gedoemd, dan zie je die grote genade; nou een moordenaar is echt wel slecht, heel erg slecht; maar ben ik dan ook een zondaar?; ja!; ik doe toch sommige dingen best wel goed en ik heb nog nooit een moord gepleegd; de Heere God laat dan door de Wet zien hoe Hij is en dat je volledig tekort schiet; als een spiegel is de Wet; laat je alleen zien dat je een ellendige zondaar bent; niets van wat we doen kan de Heere God echt bekoren; bij leren hoort ook corrigeren (een tik en strafwerk); zodat je leert om op de goede (de smalle) weg te blijven; het offer van de Heere Jezus Christus aan het kruishout van Golgotha is voldoende geweest; er is geen andere offer of werk meer nodig; alleen door geloof wordt je gered; welk middel hadden we dan om bij de Heere God te kunnen komen?;

(3) onmisbaar komen tot Christus -> alles wat je ooit dacht; was leuk en aardig, maar de gang naar Christus is het enige goede; sta dus op en ga; het komen tot het Avondmaal is komen tot Christus; wat is het u/jou waard?; wat houdt je tegen om naar het Avondmaal te gaan, naar Christus te gaan?; dat ben je zelf; dus niet de Heere God; de mens doet alles om de Heere te ontwijken; in het welvaarts-evangelie kun je de Heere God volgen en jezelf blijven; drukken dan niet de zonden zwaar op je schouders?; ja, maar eerst probeer ik het nog zelf, zo wordt ik iets beter (minder zondig); MAAR de Heer zoekt juist zondaars; stop met jezelf oppoetsen, ga dus naar de Heere; mag ik wel komen, ben ik wel geschikt?; de gang naar het Avondmaal dus; niemand zal ooit geschikt zijn om aan het Avondmaal deel te kunnen nemen; mishaag jezelf aan je zonden en geloof dat je zeker vast staat op het Woord des Heeren; op de belofte van de Heere; de Heere houdt Zich altijd aan Zijn beloften; je kunt je een oordeel eten (1 KOR 11:29), maar je kunt je ook een oordeel zitten op de kerkbank of thuis op de sofa; negeer Gods open armen niet, Zijn middelen gegeven voor ons; AMEN.

----------------------------------------------------------------------------------------



2019.10.20 OCHTEND

(Ps 80:11 ; Ps 1:7+9 ; Ps 51:2+3 ; Ps 51:4 ; Ps 103:2)

Johannes 8:1-11 (6b) (990-992)
  1. de Heere Jezus schrijft in de aarde
  2. de Heere Jezus schrijft in het geweten
  3. de Heere Jezus schrijft in het hart
(1) De Heere Jezus schrijft in het zand in deze versen; V6b is een parel in het Woord Gods; alles gebeurt vlak voor het loofhuttenfeest; JOH 7:37 -> in dit voorgaande vers stijgt de vijandschap tegen de Heere Jezus Christus; zoek, lezer, net als de Heere Jezus (v1) stille tijd met de Heere; v2 -> al het volk kwam tot de Heere Jezus en de Farizeeen vonden dat niet fijn en zochten een reden om Hem te doden; ze vonden een reden: de overspelige vrouw; overspel was en is een zonde; zie secondlove, overspel is een spel met alleen verliezers; de Heere Jezus preekt met de mensen en de Farizeers lopen naar binnen en eisen alle aandacht; dat staat in v3-5; vraag: waar was de overspelige man gebleven?; ze vragen de Heere Jezus: "moeten wij haar steningen volgens de Wet?"; dat was een strikvraag; de vrouw wordt gebruikt als een pion om de Heere Jezus schaakmat te zetten; v6 -> "verzoekend"; wat doet de Heere Jezus?; "maar, Jezus" - tegenstelling; Hij geeft geen antwoord; wat schreef de Heere Jezus in v6 en v8?; niemand weet het?; (lees de KT en de Bijbelcommentaren van Calvijn); de Heere Jezus vond het niet waardig om met hen te praten; neemt de Heere Jezus afstand van wat de Farizeers zeggen?; v7 -> ze blijven maar aanhouden;

(2) in vers 7 komt er dan antwoord; de heere Jezus draait de rollen om; Hij houdt zich aan de Wet: de getuigen moesten dan als eerste gooien (steningen); dus iedereen zonder zonden mocht beginnen met gooien; niemand gooide; de Heere Jezus stelt iedereen schuldig onder de Wet; v7 -> oordeelniet, want iedereen is een zondaar; vermaan wel in liefde; keur de zonde nooit goed; en was er iemand zonder zonden?; nee, niemand; alleen de Heere Jezus en de vrouw bleven over, de rest was weg gegaan; dat lees je in v9a; ze dropen af want de Heere Jezus schreef in hun geweten; een heilzame onrust; een knagend gevoel; dat is positief, want hun geweten klaagde hen aan; en het is negatief, dat ze weggingen; iedereen heeft de genade van de Heere Jezus nodig; ze gingen niet naast de vrouw staan, iedereen mens is schuldig; al bij de geboorte; hun geweten, preciezer de gevoeligheid ervan, verhardde (lees v 59); daar pakken we stenen op om de Heere Jezus, de Zone Gods, te steningen; laat je niet gevoelloos worden voor je zonden, bid de Heere erom;

(3) v9b; de Heere Jezus alleen met de vrouw; de Farizeers konden ook blijven om vergeving te vragen; echter (door te blijven?) bekent de vrouw schuld; want alleen de Heere Jezus was zonder schuld; en kon Hij dan wel de eerste steen werpen?; in principe wel; er staan twee mensen; een barmhartige en een ellendige; in v11-12 ontvangt de vrouw vrijspraak in de genade; is de Wet dan fout?; nee, het bloed van het Lam redde haar; het was er ook voor de anderen, echter die gingen weg; en gingen dus niet naar de Heere Jezus voor vergeving; de vrouw verdiende de dood; volgens de Wet voor haar overspel en ook als straf voor haar gehele zonden; echter Zijn bloed redde haar (door geloof), want ze erkende haar zonden: door geloof en door het belijden van haar zonden (ze bleef staan); "ga heen en zondig niet meer"; de Heere Jezus keurde haar zonden echt niet goed; Hij handhaaft de Wet en vergeeft door geloof en belijden van zonden; de twee weldaden; rechtvaardiging -> heiligmaking; dat lezen we trouwens in v11; en voor ons?; strijd in de macht Gods tegen de driehoofdige macht van de zonden (de wereld, je erfzonde en de duivel); voor alle zonden is er vergeving door het bloed van de Heere Jezus; er is nog nooit een zondaar afgewezen door Hem; staat u nog bij de vrouw?; de Farizeers hadden beter kunnen blijven; en waar was de man die ook overspel pleegde?; wat een grote genade; AMEN.

----------------------------------------------------------------------------------------

2019.10.20 AVOND

(Ps 92:1 ; Ps 32:3 ; Ps 14:2+3+7 ; Ps 85:1 ; Ps 89:8)

Romeinen 3:9-31 (23-24) (1048-1049)

"om niet gerechtvaardigd"
  1. diepe val
  2. verlossing door Christus
  3. om niet verkregen
(1) In het begin was alles goed; zeer goed; Het kroonjuweel van de schepping was de mens; de mens was zo slim, zoveel kennis; de mens had de volledige kennis van de Heere God; ze zouden eeuwig leven in het paradijs; er stond ook de boom des levens on het paradijs; Adam en Eva hadden de Heere God volkomen lief; en de Heere verheugde Zich in Hem; A en E stonden recht(vaardig) voor de Heere; echter toen kwam de zondevel van de mens; de Heere werd verdacht gemaakt door de verleider; een seconde later zag de mens wat hij gedaan had; de vreugde was weg; "Adam, waar zijt Gij?"; de liefde voor de Heere was weg; het werk-verbond werd een genade-verbond; zie daarvoor GEN 3:15; en wij proberen door goed te doen, gerechtvaardigd te worden; A en E werden weggestuurd uit het paradijs en de Heere sloot de toegang af; wij zondigen met woorden, gedachten en daden; onze werken zijn van nature zondig en schieten te kort voor de Heere; van nature praten wee liever over koetjes en kalfjes en niet over de grootheid van Zijn Majesteit; wat leven er voor een zwarte zondige gedachten in ons hoofd en hart; die worden ons ook aangerekend, naast onze zondige daden in woord en daad; welke straf verdienen wij daar dan voor?; dat is de dood!; de zonde heeft ons hart verhard; anders zouden we zeker elke nacht wakker liggen van onze ellendige staat; we zouden alles, ja alles, wat de weredld te bieden heeft naast ons leggen en echt tijd besteden aan onze Schepper; lezen in Zijn Woord en veel meer bidden; en beseffen dat je hebt gezondigt tegen een heilige God; en er is niemand die Hem zoekt!; in vers 11; maar hoe kan het anders?; niet door jezelf (eigen werken) kun je je verdiende straf ontduiken; maar door de zoekende liefde van de Heere; over de "dagelijkse zonden": "iedereen doet het toch?" en "het zal wel meevallen"; wij zijn echter vijanden Gods (geworden); zonder Zijn genade, is er niet anders dan eeuwige verdoemenis;

(2) er is verlossing van deze verdiende straf; we worden zelfs vrij gesproken van deze straf; we krijgen gratie: Koninklijke gratie; en dat terwijl we elke dag onze schuld groter maken!; is het wel eerlijk om de ene mens te verkoren en de andere mens weer niet?; ja, niemand heeft iets te eisen van de Heere God; terwijl we geen haar beter zijn, worden we onder de genade van het Evangelie gebracht; dat Woord Gods laat je niet onveranderd; het is niet van ons uitgegaan, maar alleen, ja alleen, vanuit de Heere God uitgegaan om ons te redden uit de eeuwige verdoemenis; en dus niet uit ons; de Heilige Geest in ons is zo krachtig; je begint te zien hoe zondig je bent en dat er verlossing is in Christus Jezus; het geloof, een gave Gods, is jouw rechtvaardiging; de Heere werkt door Zijn Woord en hoe kan dat je nou niet raken?; antwoord: als de Heere je niet die gave van het geloof geeft; wij, gelovigen, waren nig vijanden van de Heere toen Hij ons zocht; want niemand is goed en zoekt de Heere;

(3) v11; de Heere Jezus, de Zone Gods, hing voor ons aan een kruis; alle zonden van de wereld kwamen op Hem en Hij stierf en Hij stond weer op; voor ons; onze straf droeg Hij; i.p.v. slaven van de wereld/van de zonde zijn we nu slaven van Hem geworden; geen slaven van de zonde, op weg naar de eeuwige verdoemenis, maar slaven van de Heere Jezus, slaven van het genadeverbond; zij werden en zijn eigendom van de Heere Jezus; en dood voor de zonde; die genade is eenzijdig; van de Heere God tot ons; het is voor ons gratis; maar niet voor de Heere Jezus; Hij heeft heel erg veel geleden; niets uit ons kan rechtvaardig zijn voor de Heere God; gelukkig komt het uit de Heere; we kunnen niet meer vallen, we zijn dood voor de zonde; de zonde heeft geen vat meer op ons; wak zou ons kunnen scheiden van de liefde Gods?; deze hoop (zekerheid) is volkomen; wij, hier in Opheusden, weten toch dat we in Christus zijn en niet kunnen vallen?; het is een groot voorrecht om bij Hem te zijn; ga dus weg van de brede weg!; godsdienstigheid zal je ook niet redden; Abraham was niet gered door godsdienstigheid, maar door zijn geloof; wij, kinderen Gods, zijn dan onschuldig; de schuld is betaald door Christus; door Zijn bloed en met Zijn bloed; ik wilde dat ik nooit meer zoude zondigen; AMEN.

----------------------------------------------------------------------------------------

20xx.xx.xx OCHTEND/AVOND

(Ps xx:xx ; Ps xx:xx ; Ps xx:xx ; Ps xx:xx ; Ps xx:xx)

bijbelboek xx:xx-xx (xx) (xxxx-xxxx)

"titel"
  1. een
  2. twee
  3. drie
(1) tekst

(2) tekst

(3) tekst; AMEN.

----------------------------------------------------------------------------------------
TERUG NAAR HET EXTRA-MENU
----------------------------------------------------------------------------------------
bijgewerkt op 20.11.2019
----------------------------------------------------------------------------------------